Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[opposant 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
[opposant 2] ,hierna aan te duiden als: [opposant 2] ,
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 23 oktober 2018 waarbij een datum voor pleidooi is bepaald;
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd.
6.De beoordeling
Verkoper verkoopt en levert aan koper per 16-02-2012, gelijk deze koopt en aanvaardt per genoemde datum, de door verkoper geëxploiteerde onderneming onder de naam [onderneming] , bestaande uit de exploitatie van een ijssalon en cafetaria, gelegen te (…) [plaats] (…).
Levering van het gekochte zal plaatsvinden op 16-02-2012.
De koopsom voor de inrichting bedrijfspand, inventaris en goodwill bedraagt in totaal € 35.000,- (…).
Genoemde koopsom dient door koper uiterlijk op 16-02-2012 (…) te worden voldaan, op een door partijen in onderling overleg overeen te komen wijze.
Bij niet nakoming door koper van zijn verplichtingen terzake de voldoening van de koopsom verbeurt koper aan verkoper een dadelijk en ineens zonder sommatie of ingebrekestelling opeisbare boete groot € 35.000,- (…).”
€ 5.877,-