ECLI:NL:GHSHE:2019:4020
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezag vader na veroordeling poging moord en ondertoezichtstelling kinderen
De zaak betreft het hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank Oost-Brabant waarin het gezag van de vader over zijn drie minderjarige kinderen niet werd beëindigd, maar de kinderen wel onder toezicht werden gesteld. De vader is veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging wegens poging tot moord op zijn kinderen door brandstichting in hun woning.
De moeder, appellante, verzocht het hof het gezag van de vader te beëindigen en de ondertoezichtstelling te heroverwegen. Het hof oordeelt dat de wettelijke gronden voor beëindiging van het gezag zijn vervuld, gezien de ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de kinderen door het strafbare gedrag van de vader en diens onvermogen om binnen een aanvaardbare termijn verantwoordelijkheid te dragen.
Daarnaast acht het hof een ondertoezichtstelling noodzakelijk om de belangen van de kinderen te beschermen en de regie over het contact tussen vader en kinderen te bewaken. De beschikking van de rechtbank wordt daarom gedeeltelijk vernietigd en het gezag van de vader wordt beëindigd, terwijl de ondertoezichtstelling wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het gezag van de vader over de kinderen wordt beëindigd en de kinderen worden onder toezicht gesteld.