ECLI:NL:GHSHE:2019:4585
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis met taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf na hennepkwekerijonderzoek
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant in een strafzaak betreffende betrokkenheid bij een hennepkwekerij. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand en een taakstraf van 100 uur. Het hof bevestigde dit vonnis, met een nadere motivering van de straf en een verbeterde weergave van de bewijsvoering.
De bewijsvoering betrof onder meer het proces-verbaal van verhoor van de verdachte, waarin hij toegaf betrokken te zijn geweest bij het vervoer van materialen voor de hennepkwekerij en contact te hebben gehad met meerdere medeverdachten. Het hof schrapte niet-relevante passages uit het verhoor en nam de overige verklaringen zakelijk over. De verdediging had primair vrijspraak gevorderd en subsidiair een lagere strafmaat bepleit.
Het hof oordeelde dat de redelijke termijn voor de behandeling van de zaak was overschreden met bijna twee jaar, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep. Deze overschrijding werd niet aan de verdachte toegerekend, maar aan de complexiteit van het onderzoek waarin zijn zaak was opgenomen. Bij de strafoplegging hield het hof hier rekening mee en bevestigde de opgelegde straf van de rechtbank. De taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf werden als passend en geboden beschouwd.
Het arrest werd uitgesproken op 5 december 2019 door mr. A.R. Hartmann en mr. J. Nederlof, waarbij mr. A.M.G. Smit als voorzitter niet kon ondertekenen. De zaak illustreert de zorgvuldigheid bij bewijsvoering en de toepassing van het redelijke termijnbeginsel in strafzaken.
Uitkomst: Bevestiging van een taakstraf van 100 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand met inachtneming van termijnoverschrijding.