Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHSHE:2019:4852

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
21 oktober 2019
Publicatiedatum
21 april 2020
Zaaknummer
20-003243-17
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen veroordeling wegens bedreiging, mishandeling en vernieling

In deze strafzaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter te Breda. Verdachte was in eerste aanleg veroordeeld voor bedreiging, twee mishandelingen en twee vernielingen tot een gevangenisstraf van 10 weken met aftrek van voorarrest.

De advocaat-generaal heeft gevorderd het vonnis te bevestigen, met een vermindering van de straf tot 8 weken gevangenisstraf. De raadsman van verdachte heeft gepleit voor vrijspraak van twee van de tenlastegelegde feiten en heeft tevens een strafmaatverweer gevoerd.

Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd, met een kleine aanpassing in de bewijsmiddelen door een zin in de verklaring van verdachte te corrigeren. De strafoplegging is aangepast naar 8 weken gevangenisstraf met aftrek van voorarrest. Het arrest is uitgesproken op 21 oktober 2019 tijdens een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 8 weken gevangenisstraf met aftrek van voorarrest voor bedreiging, twee mishandelingen en twee vernielingen.

Uitspraak

Parketnummer : 20-003243-17
Uitspraak : 21 oktober 2019
TEGENSPRAAK (ex art. 279 Sv Pro)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 12 oktober 2017 in de strafzaak met parketnummer 02-800725-17 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
thans uit anderen hoofde verblijvende in Huis van Bewaring Grave (Unit A + B) te Grave.
Hoger beroep
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
De rechtbank heeft bij dit vonnis verdachte wegens een bedreiging, twee mishandelingen en twee vernielingen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 10 weken met aftrek van voorarrest.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het beroepen vonnis zal bevestigen met uitzondering van de strafoplegging en verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 weken met aftrek van voorarrest.
Namens verdachte is door diens raadsman bepleit dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het hem onder 2 en 3 tenlastegelegde. Voorts is een strafmaatverweer gevoerd.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de redengeving waarop dit berust, met de volgende verbetering wat betreft de bewijsmiddelen:
In de bewijsmiddelen ten aanzien van feit 2 wordt in de verklaring van de verdachte de zin ”Ik wilde haar niet van de trap duwen” vervangen door:
Afgelopen zaterdag (het hof begrijpt: zaterdag 9 september 2017) hadden we ruzie.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. M.J. Grapperhaus, voorzitter,
mr. R.R. Everaars-Katerberg en mr. J.P.F. Rijken, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. R.R.A.C. Dinnissen, griffier,
en op 21 oktober 2019 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
mr. M.J. Grapperhaus en mr. J.P.F. Rijken zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.