ECLI:NL:GHSHE:2019:603
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging uithuisplaatsing minderjarigen wegens ontwrichtend effect
In deze civiele zaak in hoger beroep heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het verzoek van de Stichting Jeugdbescherming Brabant en de vader tot machtiging uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen afgewezen. De zaak betrof ernstige zorgen over de opvoedsituatie bij de moeder en de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen, mede door het ontbreken van medewerking van de moeder aan onderzoek.
De minderjarigen, inmiddels twaalf jaar oud, zijn gehoord en gaven aan graag bij hun moeder te willen blijven wonen, ondanks het feit dat er geen contact of weinig contact is met de vader. De moeder weigerde medewerking aan het voorgestelde onderzoek en hield hulpverlening en vader buiten de opvoedsituatie. De GI handhaafde het verzoek tot uithuisplaatsing vanwege de ernstige zorgen.
Het hof overwoog dat er sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging van de kinderen, mede bevestigd door het weglopen van een ander kind uit het gezin en de afwijzing daarvan door de moeder. Echter, het hof vond dat een uithuisplaatsing abrupt en zonder duidelijk perspectief te ontwrichtend zou zijn voor de kinderen. Ook werd een mogelijke beperking van de moeder genoemd die gespecialiseerde hulpverlening zou kunnen vereisen.
Daarom werd de beschikking van de rechtbank bevestigd en het verzoek tot uithuisplaatsing afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot machtiging uithuisplaatsing van de minderjarigen is afgewezen vanwege het te ontwrichtende effect.