Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
4.De uitspraak
wonende te [postcode] te [woonplaats] , aan de [adres] ,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Appellante verzocht de rechtbank om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling, maar dit verzoek werd afgewezen omdat volgens de rechtbank geen minnelijk traject was doorlopen. De rechtbank vond dat niet aannemelijk was gemaakt dat het minnelijk traject op voorhand was mislukt, mede door onvolledige schuldenlijsten en gebrek aan bewijs van weigering door schuldeisers.
In hoger beroep stelde appellante dat zij wel degelijk een minnelijk traject had doorlopen, waarbij meerdere schuldeisers, waaronder een grote schuldeiser, het aanbod hadden afgewezen. Zij lichtte haar financiële situatie toe, inclusief de ontstaansgeschiedenis van haar schulden en haar inspanningen om haar schuldenlast te beperken.
Het hof oordeelde dat appellante voorafgaand aan het verzoek een minnelijk traject had doorlopen en dat zij niet te kwader trouw was, hoewel niet alle jaarstukken waren overlegd. Gezien de omstandigheden en het feit dat zij inmiddels een vast inkomen heeft en geen nieuwe schulden zijn ontstaan, werd de hardheidsclausule toegepast.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling alsnog toe. Tevens werd bepaald dat de griffier van het hof de griffier van de rechtbank op de hoogte brengt voor verdere procedurele stappen.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling alsnog toe.