ECLI:NL:GHSHE:2020:111
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onderhoudsverplichting na echtscheiding wegens ontbreken affectieve relatie
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 16 januari 2020 uitspraak gedaan in een hoger beroep over de beëindiging van partneralimentatie tussen ex-echtgenoten. De man had verzocht de onderhoudsverplichting te beëindigen op grond van artikel 1:160 BW Pro, stellende dat de vrouw een affectieve relatie van duurzame aard zou hebben met een ander, waardoor zijn verplichting zou eindigen.
De rechtbank Limburg had dit verzoek afgewezen en het hof bevestigde deze beslissing. Het hof overwoog dat de man onvoldoende concrete feiten had gesteld waaruit blijkt dat er sprake is van een affectieve relatie zoals bedoeld in artikel 1:160 BW Pro. Hoewel er contact was tussen de vrouw en de ander, ontbrak bewijs voor samenwonen, wederzijdse verzorging en een gemeenschappelijke huishouding.
De vrouw betwistte dat er een affectieve relatie bestond en stelde dat het contact vriendschappelijk was. Het hof vond het rechercherapport onvoldoende concreet en nam mee dat het sanctiekarakter van artikel 1:160 BW Pro een restrictieve uitleg vereist. De onderhoudsverplichting blijft daarom bestaan en het verzoek tot terugbetaling van te veel betaalde alimentatie werd eveneens afgewezen.
Ten slotte werden de proceskosten niet aan een van de partijen toegewezen, maar gecompenseerd zodat iedere partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot beëindiging van de onderhoudsverplichting af en bekrachtigt de eerdere beschikking.