ECLI:NL:GHSHE:2020:1147

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
24 januari 2020
Publicatiedatum
31 maart 2020
Zaaknummer
20-000982-19
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 359a Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens afstand van recht op hoger beroep

In deze strafzaak was tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg hoger beroep ingesteld door de verdachte. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep heeft het hof kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal om de verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep. Namens de verdachte werd betoogd dat hij wel ontvankelijk verklaard moest worden omdat hij ten tijde van de eerste aanleg niet de gevolgen van het afstand doen van zijn hogerberoepsrecht kon overzien.

Het hof heeft het proces-verbaal van de politierechter bestudeerd en constateerde dat zowel de verdachte als de officier van justitie ter terechtzitting afstand hadden gedaan van het recht om hoger beroep in te stellen. Het hof vond geen aanwijzingen dat de verdachte destijds de consequenties van deze afstand niet kon overzien.

Op basis hiervan heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter. Dit arrest is uitgesproken op 24 januari 2020 door de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens afstand van het recht op hoger beroep.

Uitspraak

Parketnummer : 20-000982-19
Uitspraak : 24 januari 2020
TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg van 27 maart 2019 in de strafzaak met parketnummer 03-000508-19 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep moet worden verklaard.
Namens verdachte is bepleit dat dat de verdachte ontvankelijk dient te worden verklaard in het hoger beroep. De verdachte heeft ten tijde van de terechtzitting in eerste aanleg de consequenties van het doorgaan met de behandeling zonder bijstand van een advocaat en het doen van afstand van zijn recht om hoger beroep in te stellen, niet kunnen overzien
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
In het proces-verbaal van de politierechter in de rechtbank Limburg van 27 maart 2019 is vermeld dat verdachte en de officier van justitie ter terechtzitting afstand hebben gedaan van hun recht tegen het vonnis hoger beroep in te stellen.
Het hof ziet geen aanknopingspunten in het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg dat verdachte ten tijde van de behandeling de consequenties niet kon overzien. Op grond van het vorenstaande zal het hof verdachte niet-ontvankelijk verklaren in het tegen het vonnis ingestelde hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Aldus gewezen door:
mr. J.T.F.M. van Krieken, voorzitter,
mr. P.M. Frielink en mr. A.C. van der Schans, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mw. M.E. Busser-Roelofse, griffier,
en op 24 januari 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. A.C. van der Schans is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.