Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[VERDACHTE],
- primair bepleit dat de verdachte van het ten laste gelegde feit dient te worden vrijgesproken;
- subsidiair -voor het geval het hof toch tot een bewezenverklaring zou komen- bepleit dat zal worden volstaan met oplegging van een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf, eventueel in combinatie met een taakstraf.
- Chanel Eau Tendre 2x;
- Coco Chanel twist en spray;
- Yves Saint Laurent Monparis;
- Dior Miss Dior 2x;
- Dior Hypnotic Poison;
- Dior Pure Poison;
- YSL Manifesto;
- Dior Poison Girl.
het hof begrijpt: een mobiele telefoon) liggen met een kapot scherm, mogelijk eigendom van een van de andere verdachten. Ik, verbalisant, [verbalisant 4], nam hierop deze telefoon in beslag.
het hof begrijpt: allerlei dure merken en types parfum)
- zij de onderhavige diefstal samen met ‘[alias verdachte] ’ en ‘[medeverdachte 2]’ heeft gepleegd waarbij tevoren was afgesproken dat zij een gesprek zou aangaan met de winkelmedewerker, zodat zij, ‘[alias verdachte] ’ en ‘[medeverdachte 2]”, tijd zouden hebben om spullen weg te nemen;
- zij sinds juni 2016 via haar telefoon bestellingen aanneemt en die doorgeeft aan [alias verdachte], die dan vervolgens op pad gaat om de spullen te stelen;
- [alias verdachte] vervolgens aan haar doorgeeft wat zij gestolen heeft;
- zij dan de spullen die gestolen zijn weer gaat afleveren aan de klanten, die de helft van de winkelwaarde van de gestolen spullen betalen;
- [alias verdachte] voornamelijk kleding steelt maar dat het deze keer toevallig parfum was;
- zijzelf 10 procent van de verkoop van alle verkochte spullen krijgt.
- zij twijfelt of ‘[alias verdachte] ’ wel haar echte naam is, omdat ‘[alias verdachte] ’ whatsappt met de naam [voornaam verdachte] ;
- zij de persoon op foto’s waarop de verdachte staat afgebeeld, afkomstig uit de door verdachte in de auto achtergelaten telefoon, herkent als ‘[alias verdachte]’.
- de verdachte op 4 november 2016, kort voorafgaand aan de onderhavige diefstal, aan medeverdachte [medeverdachte] een WhatsApp-bericht heeft verzonden, inhoudende: “Maak je niet druk ik zet jullie wel maar wordt wel laat. Want we gaan toch werken.”;
- de verdachte ter terechtzitting van het hof van 11 maart 2020 heeft verklaard dat met ‘werken’ echt wel ‘stelen’ wordt bedoeld;
- de telefoon van de verdachte is aangetroffen in de personenauto die bij de onderhavige diefstal door de drie daders is gebruikt.
Diefstal door twee of meer verenigde personen.
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- de omstandigheid dat het hier gaat om het plegen van een brutale en professionele winkeldiefstal in vereniging, waarbij de weggenomen producten klaarblijkelijk tevoren bij de medeverdachte [medeverdachte] waren besteld;
- de omstandigheid dat door een dergelijk feit in het algemeen schade teweeg wordt gebracht aan het betrokken winkelbedrijf en overlast en ergernis wordt veroorzaakt aan de gedupeerde;
- de omstandigheid dat ook de maatschappij als geheel schade ondervindt van winkeldiefstallen als de onderhavige, doordat de schade die door dergelijke feiten wordt veroorzaakt uiteindelijk wordt doorberekend in de consumentenprijzen van producten en doordat de kosten die gemoeid zijn met het nemen van veiligheidsmaatregelen tegen diefstallen, uiteindelijk door de consumenten worden betaald.
- de inhoud van het haar betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 26 februari 2020, waaruit blijkt dat zij voorafgaand aan het bewezen verklaarde reeds vele keren door de Nederlandse en Belgische strafrechter onherroepelijk ter zake van soortgelijke winkeldiefstallen is veroordeeld;
- de inhoud van het haar betreffend voorlichtingsrapport van Reclassering Nederland, Advies- & Toezichtunit 3 Zuid, d.d. 12 juni 2018, opgemaakt door mevr. [naam], onder meer inhoudende de conclusie dat de reclassering het recidiverisico inschat als hoog;
- de omstandigheid dat zij ter terechtzitting in hoger beroep heeft erkend zich opnieuw schuldig te hebben gemaakt aan het plegen van een winkeldiefstal in vereniging, te weten: op 6 februari 2020 te Waalwijk, andermaal bij parfumerie [bedrijf 1] en wederom met gebruikmaking van een geprepareerde tas;
- haar overige persoonlijke omstandigheden, voor zover daarvan ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken, onder meer de omstandigheden dat zij woonachtig is in [land], dat zij samenwoont met haar twee minderjarige kinderen en met haar moeder en dat zij werkzaam is als schoonmaakster in een ziekenhuis en verkoopster bij een meubelzaak.