Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- zich met betrekking tot de bewezenverklaring van het onder 1. ten laste gelegde feit gerefereerd aan het oordeel van het hof;
- bepleit dat de verdachte van de onder 2. en 3. ten laste gelegde feiten zal worden vrijgesproken;
- met betrekking tot de op te leggen straf bepleit dat zal worden volstaan met de door de politierechter opgelegde straf;
- bepleit dat de vordering tot tenuitvoerlegging zal worden afgewezen dan wel dat de betreffende proeftijd zal worden verlengd, meer subsidiair dat deze wordt omgezet in een taakstraf;
- bepleit dat de vorderingen van de benadeelde partijen zullen worden afgewezen, subsidiair zich dienaangaande gerefereerd aan het oordeel van het hof.
- de hierna opgenomen bewijsoverwegingen;
- de hierna opgenomen beslissing en motivering ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] .
- zij pas een week na het incident aangifte daarvan heeft gedaan;
- zij pas een dag na het incident daarover heeft gesproken met getuige [getuige] ;
- de verdachte na de vermeende bedreiging nog toestemming kreeg van de aangeefster om koffie te halen;
- de aangeefster begeleidster is van mensen zoals de verdachte en uit hoofde van haar functie enige weerstand tegen uitingen als de onderhavige moet hebben opgebouwd.
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- de omstandigheid dat het in het onder 2. bewezen verklaarde geval gaat om een verregaande bedreiging van een professionele hulpverleenster, tijdens de uitoefening van haar functie als begeleidster van dak- en thuislozen zoals (destijds) de verdachte;
- het agressieve en indringende karakter van het onder 2. bewezen verklaarde en de mate waarin dat feit heeft geleid tot gevoelens van angst en onveiligheid bij het slachtoffer;
- de omstandigheid dat het in de onder 1. en 3. bewezen verklaarde gevallen gaat om vernielingen van (deels kostbare) goederen toebehorend aan [benadeelde partij 1] , een opvanghuis voor dak- en thuislozen, welke instelling de verdachte in het kader van zijn begeleiding bezocht, en de mate waarin daardoor schade en overlast aan genoemde instelling is veroorzaakt.
- de inhoud van het hem betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 25 februari 2020, waaruit blijkt dat hij vele keren eerder door de strafrechter is veroordeeld, onder meer ter zake van vernielingen;
- zijn overige persoonlijke omstandigheden, voor zover daarvan ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken, in het bijzonder dat hij begeleid woont bij de instelling [naam instelling] en een bijstandsuitkering ontvangt.