Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
[de minderjarige](hierna: [de minderjarige] ), geboren op [geboortedatum] 2009 te [geboorteplaats] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze zaak is in hoger beroep de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant van 10 mei 2019 aan de orde, waarin het gezamenlijk gezag over de minderjarige is beëindigd en het gezag aan de vader is toegekend. De moeder vordert het gezamenlijk gezag te herstellen en een omgangsregeling met geleidelijke opbouw van onbegeleide omgang.
Het hof overweegt dat tussen de ouders sprake is van een langdurige strijd met ernstige gevolgen voor het kind, waaronder een loyaliteitsconflict en ondertoezichtstelling. De moeder heeft niet altijd meegewerkt aan noodzakelijke hulpverlening, terwijl de vader het eenhoofdig gezag benut om passende zorg te organiseren. De communicatie tussen ouders is wel verbeterd, maar onvoldoende om gezamenlijk gezag verantwoord te achten.
De omgang tussen moeder en kind is liefdevol maar moet vanwege de kwetsbaarheid van het kind en de negatieve invloeden van de moeder begeleid blijven. Onbegeleide omgang acht het hof op dit moment te belastend. Het verzoek tot benoeming van een bijzondere curator is ingetrokken. Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en benadrukt het belang van monitoring door de gecertificeerde instelling.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het eenhoofdig gezag van de vader en de begeleide omgangsregeling voor de moeder.