Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- [appellant] , bijgestaan door mr. Gijzen;
- De beschermingsbewindvoerder van [appellant] is niet ter zitting verschenen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Appellant heeft bij de rechtbank verzocht om toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling, welke door de rechtbank is afgewezen omdat niet aannemelijk was dat appellant te goeder trouw was en de verplichtingen zou nakomen.
In hoger beroep heeft appellant het vonnis aangevochten en gesteld dat zijn psychosociale problematiek beheersbaar is en dat hij geen sollicitatieplicht had volgens het UWV. Tevens voerde hij aan dat het beroepschrift tijdig was verzonden, maar door vertraging bij Post.nl te laat is ontvangen.
Het hof oordeelt dat het beroepschrift te laat is ingediend en appellant geen verschoonbare termijnoverschrijding heeft gesteld, waardoor hij niet-ontvankelijk is in hoger beroep. Het hof overweegt inhoudelijk dat appellant nog een plan van aanpak voor behandeling van zijn psychosociale problemen moet ondergaan en dat het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling daarom nog te vroeg is.
Het hof bevestigt dat onvoldoende is aangetoond dat appellant de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling zal nakomen, en sluit zich aan bij de rechtbank in de afwijzing van het verzoek. Het hoger beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens te late indiening van het beroepschrift.