Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
[minderjarige](hierna te noemen: [minderjarige] ), geboren op [geboortedatum] 2010 te [geboorteplaats] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen een beschikking van de rechtbank die haar verzoek tot vervallenverklaring van een schriftelijke aanwijzing inzake contactmomenten met haar minderjarige kind heeft afgewezen. De minderjarige verblijft onder toezicht van een gecertificeerde instelling (GI) in een gezinshuis sinds november 2019. De GI had een schriftelijke aanwijzing gegeven waarin de contactregeling tussen moeder en kind beperkt werd tot eenmaal per twee weken anderhalf uur onder begeleiding.
De moeder verzocht om vervallenverklaring van deze aanwijzing en uitbreiding van het contact tot eenmaal per week een dagdeel onbegeleid. De GI voerde aan dat uitbreiding niet mogelijk was vanwege de loyaliteitsproblemen en hechtingsproblematiek van het kind, die leiden tot gedragsproblemen en onrust bij het kind. Ook de moeder had psychische klachten die het contact bemoeilijkten.
Het hof oordeelt dat de schriftelijke aanwijzing zorgvuldig tot stand is gekomen en voldoende gemotiveerd is. Het belang van het kind staat voorop, en gezien de loyaliteitsconflicten en gedragsproblemen is de huidige contactregeling noodzakelijk. Een uitbreiding van het contact zou het kind te veel belasten. Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking en wijst het verzoek van de moeder af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek van de moeder tot vervallenverklaring van de schriftelijke aanwijzing en wijst haar verzoek tot uitbreiding van de contactregeling af.