ECLI:NL:GHSHE:2021:1244
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- E.L. Schaafsma-Beversluis
- E.A.M. Scheij
- H.M.A.W. van Erven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie na wijziging omstandigheden en draagkracht
Partijen zijn gescheiden en hebben twee minderjarige kinderen die bij de vrouw wonen. De man was verplicht kinderalimentatie te betalen, maar stopte zonder overleg met betalingen per 1 januari 2019. De vrouw startte incasso via het LBIO en het hof stelt de ingangsdatum van de wijziging vast op 11 juni 2019, toen het wijzigingsverzoek werd ingediend.
De man voert aan dat zijn draagkracht is verminderd door gezondheidsproblemen en het staken van zijn hondenpension na verkoop van de woning. Het hof acht het inkomen uit het hondenpension niet langer voor herstel vatbaar, maar stelt een fictief inkomen vast op basis van een arbeidsdeskundig rapport van het UWV. De man heeft onvoldoende aangetoond dat hij zich voldoende inspant om dit inkomen te realiseren.
De behoefte van de kinderen wordt vastgesteld op € 209,10 per kind per maand in 2019, terwijl de draagkracht van de man wordt vastgesteld op € 286,-- per maand. Er is onvoldoende draagkracht bij partijen gezamenlijk om volledig in de behoefte te voorzien. Er wordt geen zorgkorting toegepast vanwege het ontbreken van contact tussen man en kinderen.
Het hof wijzigt de alimentatiebedragen per kind per maand voor de periodes 11 juni 2019 tot 31 december 2019 (€ 143,--), 1 januari 2020 tot 31 december 2020 (€ 146,58) en vanaf 1 januari 2021 (€ 150,98). De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd voor zover relevant en de kosten van het hoger beroep worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof wijzigt de kinderalimentatie met ingang van 11 juni 2019 en stelt een fictief inkomen van de man vast.