ECLI:NL:GHSHE:2021:2652
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging hoger beroep in zaak medeplegen verduistering en Wegenverkeerswet overtreding
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van verduistering van een bromfiets en een overtreding van artikel 107, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. De politierechter legde een gevangenisstraf van vier weken op, met aftrek van voorarrest, en een geldboete van €250, subsidiair vijf dagen hechtenis.
De benadeelde partij had een verzoek tot schadevergoeding ingediend, maar dit was te laat ingediend en werd daarom niet ontvankelijk verklaard in hoger beroep. Het hof merkte bovendien op dat het verband tussen de gestelde schade en het bewezen verklaarde feit van verduistering twijfelachtig was.
De verdediging voerde aan dat de tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf van één week niet moest worden gelast, of dat deze omgezet moest worden in een taakstraf, vanwege de positieve gedragsontwikkeling van verdachte en eerdere voorarrestperiode. Het hof wees dit af en bevestigde dat de tenuitvoerlegging van deze voorwaardelijke straf terecht werd gelast. De tenuitvoerlegging van een andere voorwaardelijke straf werd door het hof afgewezen.
Het hof bevestigde het vonnis van de politierechter en wees de vordering tot schadevergoeding af wegens niet-ontvankelijkheid en onvoldoende verband. De strafoplegging en tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf werden gehandhaafd zoals eerder bepaald.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling en gelast de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf van één week.