Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[V.O.F.] V.O.F.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[B.V. 1] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[B.V. 2] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[B.V. 3] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/243050 / HA ZA 17-617)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met productie;
- de memorie van grieven, tevens houdende wijziging van eis met producties;
- de memorie van antwoord;
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd;
- de bij brief van 17 februari 2021 door mr. Godart toegezonden producties, die hij bij het pleidooi bij akte in het geding heeft gebracht.
3.De beoordeling
I. primair voor recht verklaart dat [V.O.F.] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst met [appellant] , althans te verklaren voor recht dat [V.O.F.] c.s. aansprakelijk is voor de schade die [appellant] heeft geleden, nader op te maken bij staat, waarvoor (het hof leest:) [V.O.F.] c.s. hoofdelijk aansprakelijk zijn;
dezeovereenkomst.