ECLI:NL:GHSHE:2021:2790
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige hechtenis wegens onvoldoende gevaar voor herhaling bij cybercrime
In deze zaak is hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank waarin de voorlopige hechtenis van verdachte was bevolen. Verdachte wordt verdacht van medeplegen van cybercrime, medeplegen van diefstal van gegevens en witwassen. Het hof heeft het dossier bestudeerd en acht de bezwaren tegen verdachte ernstig, mede vanwege een bekennende verklaring die wordt ondersteund door het dossier.
De voorlopige hechtenis is gebaseerd op het gevaar voor herhaling. Het hof constateert echter dat verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen voor soortgelijke feiten en dat het de eerste keer is dat verdachte wordt gedetineerd. Verdachte heeft aangegeven dat de detentie grote impact op hem heeft en heeft verklaard zich niet opnieuw schuldig te zullen maken aan de hem ten laste gelegde feiten.
Gezien deze omstandigheden oordeelt het hof dat het gevaar voor herhaling onvoldoende zwaarwegend is om de voorlopige hechtenis voort te zetten. Daarom wijst het hof het hoger beroep toe, vernietigt de beschikking van de rechtbank en heft de voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Het hof heft de voorlopige hechtenis van verdachte op wegens onvoldoende zwaarwegend gevaar voor herhaling.