ECLI:NL:GHSHE:2021:2906
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vordering tot opheffing executoriaal beslag op roerende zaken en kasgeld
In deze zaak staat een geschil centraal over de opheffing van executoriaal beslag dat is gelegd op roerende zaken en kasgeld van Mopas B.V., een bakkerij. Appellanten, waaronder Livetop B.V. en andere verbonden partijen, vorderen opheffing van het beslag en stellen dat zij eigenaar zijn van de beslagen zaken of dat het beslag onrechtmatig is. Dit beslag is gelegd naar aanleiding van een loonvordering van geïntimeerde, voormalig bedrijfsleidster van Mopas, die een veroordeling tot betaling van achterstallig loon heeft gekregen.
De voorzieningenrechter wees de vorderingen van appellanten in eerste aanleg af wegens onvoldoende onderbouwing. In hoger beroep handhaafden appellanten hun standpunt, maar het hof oordeelde dat het beslag niet was opgeheven zoals appellanten stelden en dat de pandakte waarop zij zich beroepen onvoldoende inzicht biedt in de rechtmatigheid van het pandrecht. Verder is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de beslagen zaken niet toebehoren aan Mopas.
Het hof overwoog dat het kort geding geen geschikte procedure is om nader onderzoek te doen naar de eigendom en rechtmatigheid van het beslag. Ook is niet vastgesteld dat geïntimeerde onrechtmatig heeft gehandeld. De vorderingen van appellanten worden daarom afgewezen en het vonnis van de voorzieningenrechter wordt bekrachtigd. Appellanten worden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van 30 september 2020 en wijst de vorderingen tot opheffing van het executoriaal beslag af.