Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
- te bepalen dat de door de man te betalen partneralimentatie wordt gewijzigd en te bepalen dat de man met ingang van 1 januari 2017, althans met ingang van de datum van zijn gewijzigde inkomen, althans met ingang van 1 maart 2019 (volgend op de brief aan de man van 18 februari 2019), althans met ingang van 1 juni 2020, als partneralimentatie moet voldoen € 1.091,-- netto per maand (geïndexeerd tot 2021) daarvan de bruto component, telkens bij vooruitbetaling te voldoen voor of uiterlijk op de eerste van iedere maand met de bepaling daarbij dat de bijdrage onderhevig is aan de wettelijke indexering;
- te bepalen dat de man inzage dient te verstrekken in de aangifterapporten inkomstenbelasting 2017 tot en met 2019 en de opgelegde aanslagen vanaf 2017, onder verbeurte van een dwangsom van € 100,-- per dag dat de man hiermee in gebreke blijft tot een maximum van € 10.000,--.
5.De motivering van de beslissing
- de VVE-bijdrage van € 101,92 per maand;
- de parkeerkosten van € 9,06 per maand;
- overige eigenaarslasten van € 95,-- per maand.