ECLI:NL:GHSHE:2021:3258
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling kinderalimentatie na hoger beroep met aanpassing bijdrage vader
In deze zaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch op 28 oktober 2021 uitspraak gedaan in hoger beroep over de vaststelling van kinderalimentatie. De man was in eerste aanleg veroordeeld tot betaling van €400 per maand aan de vrouw voor de verzorging en opvoeding van hun minderjarige kind. De man kwam in hoger beroep en verzocht om een lagere bijdrage.
Het hof nam de feiten over zoals vastgesteld door de rechtbank, waaronder dat de man het kind had erkend en de vrouw het eenhoofdig ouderlijk gezag heeft. De man stelde dat partijen nooit hadden samengewoond, waardoor de behoefte van het kind lager was dan door de rechtbank was vastgesteld. Beide partijen erkenden dit standpunt in hun ingediende stukken.
Na beoordeling van de ingediende formulieren en stukken stelde het hof vast dat er geen zorgkorting van toepassing was en dat de vrouw geen draagkracht heeft vanwege een uitkering. Het hof besloot de bijdrage van de man vast te stellen op €225 per maand met ingang van 12 januari 2021. Terugbetaling van eventueel teveel betaalde bedragen werd afgewezen gezien de inkomenspositie van de vrouw en het feit dat alimentatie doorgaans maandelijks wordt verbruikt.
De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het gewijzigde verzoek van de man toegewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt vastgesteld op €225 per maand met ingang van 12 januari 2021.