Uitspraak
- het tussenarrest van 16 april 2019;
- het proces-verbaal van de comparitie van partijen op 26 augustus 2019, tevens in de zaak met zaaknummer 200.259.202/01, waarbij geen minnelijke regeling van het geschil is bereikt;
- de memorie van grieven van [appellant] van 14 januari 2020, tevens in de zaak met zaaknummer 200.259.202/01;
- de memorie van antwoord van [geïntimeerde 1 (107)] van 21 april 2020 met producties.
- het tussenarrest van 25 juni 2019;
- het proces-verbaal van de comparitie van partijen op 26 augustus 2019, tevens in de zaak met zaaknummer 200.253.107/01, waarbij geen minnelijke regeling van het geschil is bereikt;
- de memorie van grieven van [appellant] van 14 januari 2020, tevens in de zaak met zaaknummer 200.253.107/01;
- de memorie van antwoord van [geïntimeerde 1 (202)] van 21 april 2020 met producties.
6.De verdere beoordeling
ARTIKEL 11. BEPALINGEN BODEMVERONTREINIGING
niet bekend dat er feiten zijn, onder meer op grond van:
, is nader asbest bodemonderzoek uitgevoerd.
- In de depots 1 en 2 worden asbestconcentraties aangetoond kleiner dat 100 mg/kg.ds;
- In de bodem onder de depots is geen asbest boven de detectiegrens aangetoond;
- (…) In de silo’s zijn asbestconcentraties boven de 100 mg/kg.ds aangetoond. (…).
- vernietiging van de vonnissen van 15 november 2017, 17 oktober 2018 en 30 januari 2019;
- alsnog afwijzing van de vorderingen van [geïntimeerde 1 (107)] en [geïntimeerde 1 (202)] ;
- terugbetaling van hetgeen hij uit hoofde van de vonnissen heeft betaald, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de betaling;
- veroordeling van [geïntimeerde 1 (107)] en [geïntimeerde 1 (202)] in de kosten van beide instanties, met nakosten en de wettelijke rente daarover.