ECLI:NL:GHSHE:2021:3560
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling levensgezel wegens onvoldoende bewijs
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte was veroordeeld voor mishandeling van zijn levensgezel. De politierechter had een taakstraf opgelegd, maar verdachte ging in hoger beroep en pleitte primair vrijspraak.
De mishandeling zou hebben plaatsgevonden op of omstreeks 2 februari 2020 te Heerlen, waarbij de levensgezel werd geduwd, geslagen en geschopt. Het slachtoffer deed aangifte en verklaarde dat verdachte haar had mishandeld, wat werd ondersteund door waarnemingen van verbalisanten die blauwe en rode verkleuringen aan haar neus constateerden.
De verdachte ontkende de mishandeling en stelde dat het slachtoffer hysterisch was en haar eigen aanvallen op hem uitvoerde. Ook de verbalisanten zagen wondjes op de verdachte. Het hof oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer het enige bewijsmiddel waren en dat de lichamelijke bevindingen ook in de lezing van de verdachte pasten.
Gezien het ontbreken van voldoende wettig bewijs kreeg verdachte het voordeel van de twijfel en werd hij vrijgesproken van het tenlastegelegde. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak verdachte vrij.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor mishandeling van zijn levensgezel.