Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De rechthebbende heeft bij het gerechtshof hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant, waarin haar verzoek tot ontslag van de bewindvoerder en benoeming van een opvolgend bewindvoerder werd afgewezen.
De rechthebbende voert aan dat zij geen vertrouwen meer heeft in de samenwerking met de bewindvoerder, behoefte heeft aan meer duidelijkheid en begeleiding om zelfstandigheid te bereiken, en dat de werkwijze van de huidige bewindvoerder niet aansluit bij haar mogelijkheden. Zij stelt dat Stichting [stichting] beter aansluit bij haar behoeften en bereid is het bewind over te nemen.
De bewindvoerder stelt dat zij haar taken naar behoren heeft uitgevoerd, goed bereikbaar is, en meerdere pogingen heeft gedaan om de rechthebbende naar zelfstandigheid te begeleiden. Het hof overweegt dat er geen gewichtige redenen zijn voor ontslag van de bewindvoerder, aangezien de bewindvoerder haar taken adequaat vervult en de wensen van de rechthebbende niet voldoende onderbouwd zijn om tot ontslag over te gaan.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en compenseert de proceskosten in hoger beroep, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot ontslag en vervanging van de bewindvoerder af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.