Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
[adres] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De verdachte werd door de politierechter veroordeeld voor opzettelijk handelen in strijd met een verbod uit artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet en diefstal met verbreking. De straf bestond uit 4 maanden gevangenisstraf, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Tegen dit vonnis werd hoger beroep ingesteld.
Het gerechtshof heeft het vonnis van de politierechter beoordeeld en is het eens met de opgelegde straf, maar wijzigt de kwalificatie van de bewezenverklaarde feiten. Het hof kwalificeert het handelen onder het eerste feit als opzettelijk handelen in strijd met het verbod uit artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet, met betrekking tot een grote hoeveelheid van het middel. Het tweede feit wordt gekwalificeerd als diefstal waarbij de schuldige het goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking.
Er zijn geen omstandigheden die de strafbaarheid uitsluiten. Het hof bevestigt de strafoplegging van de politierechter en ziet geen aanleiding voor een geheel voorwaardelijke straf. Het vonnis wordt vernietigd uitsluitend voor wat betreft de kwalificatie, en in zoverre opnieuw recht gedaan.
Het arrest werd uitgesproken op 22 juni 2022 door de meervoudige kamer van het gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Bevestiging van 4 maanden gevangenisstraf, waarvan 2 maanden voorwaardelijk, met gewijzigde kwalificatie van bewezenverklaarde feiten.