Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHSHE:2022:231

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
20 januari 2022
Publicatiedatum
28 januari 2022
Zaaknummer
000049-22
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing hoger beroep tegen bevel tot gevangenhouding wegens medeplegen gewapende overval

Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant waarin de gevangenhouding van verdachte werd bevolen wegens medeplegen van een gewapende overval op een woning tijdens de nachtelijke uren.

Het hof concludeerde dat het dossier voldoende ernstige bezwaren bevat tegen verdachte en dat het strafbare feit de rechtsorde ernstig schokt. Hoewel verdachte pas een jaar na het incident werd aangehouden, rechtvaardigde het belang van het onderzoek uitstel van aanhouding. De geschokte rechtsorde blijft daarmee van kracht.

Verdachte betwistte het gevaar voor herhaling, maar het hof wees dit af gezien de ernst van het feit, het gebruik van een vuurwapen en eerdere veroordelingen van verdachte voor diefstal en geweld. Het hof oordeelde dat er voldoende concrete feiten zijn die het gevaar voor herhaling onderbouwen.

Daarom wees het hof het hoger beroep af en bevestigde het de eerdere beschikking tot gevangenhouding. De uitspraak werd gedaan op 20 januari 2022 door drie raadsheren van het gerechtshof.

Uitkomst: Het hoger beroep tegen het bevel tot gevangenhouding is afgewezen en de voorlopige hechtenis van verdachte blijft gehandhaafd.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling strafrecht
Raadkamerappelnummer: [nummer]
Parketnummer 1e aanleg: [nummer]
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de akte van de griffier van de rechtbank Oost-Brabant van [datum], waarbij namens:

[naam verdachte]

geboren [datum] te [plaats]
wonende te [adres]
thans verblijvende in de [detentieplaats]
hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant van [datum], bij welke beschikking de gevangenhouding van [verdachte] werd bevolen.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep.
Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door zijn raadsman
mr. S.L.T.H. Ruijters.
Het hof heeft kennis genomen van het dossier.
Uit het dossier blijkt dat verdachte wordt verweten medeplegen van een gewapende overval op een woning tijdens de nachtelijke uren.
Naar het oordeel van het hof bevat het dossier voldoende ernstige bezwaren jegens verdachte ter zake hetgeen hem wordt verweten. Het hof verwijst daartoe naar de opsomming door de rechter-commissaris. Het hof heeft zich aan de hand van het dossier ervan vergewist dat de ernstige bezwaren zoals destijds aangenomen ook thans nog onverkort van kracht zijn.
Hetgeen verdachte wordt verweten is een strafbaar feit waar naar de wettelijke omschrijving 12 jaar of meer gevangenisstraf op staat en waardoor de rechtsorde ernstig is geschokt.
Namens verdachte is betoogd dat er geen sprake kan zijn van een geschokte rechtsorde nu verdachte pas een jaar na het plegen van het aan hem verweten feit is aangehouden en in verzekering is gesteld, terwijl er al eerder bij de politie aanwijzingen bekend waren dat verdachte op enigerlei betrokken zou zijn geweest bij de overval die hem thans wordt verweten.
De officier van justitie heeft blijkens het dossier aangegeven dat een eerdere aanhouding niet heeft plaatsgevonden in het belang van het onderzoek.
Het hof overweegt als volgt.
Een gewapende overval in de nachtelijke uren gepleegd door een of meer personen is een strafbaar feit dat de rechtsorde ernstig schokt omdat het grote gevoelens van onrust veroorzaakt in brede lagen van de bevolking, alleen al omdat men zich in zijn eigen woning veilig moet kunnen voelen. Dat brengt met zich mee dat van politie en justitie verwacht mag worden dat zij het onderzoek naar mogelijke daders voortvarend ter hand nemen waarbij de aandacht primair gericht moet zijn op het achterhalen van de daders. Het oplossen van dit soort ernstige feiten verdient prioriteit bij de opspring. Niet gebleken is dat de politie onvoldoende voortvarend het onderzoek ter hand heeft genomen, en voorts is door de officier van justitie aangegeven dat in het belang van het onderzoek de aanhouding niet onverwijld heeft kunnen plaatsvinden. Naar het oordeel van het hof is het belang van het onderzoek een belang dat uitstel van de aanhouding van verdachte ondanks aanwijzingen van betrokkenheid rechtvaardigt. De geschokte rechtsorde kan zich ook manifesteren wanneer de verdachte die is aangehouden en in voorarrest is genomen omdat jegens hem voldoende ernstige bezwaren bestaan ter zake van betrokkenheid bij een gewapende overval op een woning in de nachtelijke uren zijn berechting in vrijheid zou mogen afwachten. Vrijlating van de verdachte zou in strijd zijn met de geldende rechtsopvatting en zou de legitimiteit en de effectiviteit van de strafrechtspleging in ernstige mate aantasten.
Alles overziend is het hof van oordeel dat er sprake is van een geschokte rechtsorde.
Namens verdachte is betwist dat er sprake zou zijn van gevaar voor herhaling.
Het hof volgt de raadsman hierin niet. Het gevaar voor herhaling blijkt in deze zaak in de eerste plaats uit de aard van het aan verdachte verweten strafbaar feit. Deelname aan een nachtelijke overval op een woning waarbij een vuurwapen is gebruikt geeft blijk van een mentaliteit waarin weinig of geen ruimte is voor respect voor andermans fysieke integriteit en goed. Een dergelijk ernstig gebrek aan in het algemeen in de samenleving geaccepteerde normen en waarden geeft blijk van een mentaliteit die ernstig doet vrezen voor herhaling. Daarnaast is verdachte, zij het alweer enige tijd geleden, meermalen met politie en justitie in aanraking gekomen, ook voor diefstal en geweld, en verdachte is daar ook voor veroordeeld. Kennelijk is verdachte enigermate resistent voor ingrijpen van politie en justitie en ook dat doet ernstig vrezen voor herhaling. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat er sprake is van voldoende concrete feiten en omstandigheden die het aannemen van het gevaar voor herhaling als dragende grond voor de voorlopige hechtenis rechtvaardigen.
Het hof wijst af het beroep.

BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:

Wijst af het hoger beroep.
Bevestigt de beschikking waarvan beroep.
Aldus gedaan op 20 januari 2022
door mr. E.A.A.M. Pfeil, voorzitter, mr. G.P.M.F. Mols en mr. M.E.F.H. van Erve, raadsheren, in tegenwoordigheid van S.M. van Amersfoort, griffier.
De advocaat-generaal bij dit Gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.
's-Hertogenbosch, 20 januari 2022
Gezien d.d.
De directeur van [detentieplaats]