Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft bij uitspraak van 18 augustus 2022 het hoger beroep van de moeder en de heer verzoeker tegen de machtiging tot uithuisplaatsing van het ongeboren kind verworpen en de beschikking van de rechtbank Limburg bekrachtigd.
De moeder, die onder een zorgmachtiging stond, is tijdens haar zwangerschap meerdere keren gevlucht uit instellingen en is sinds eind juli 2022 onvindbaar. Er zijn ernstige zorgen over haar cocaïnegebruik en de onveilige leefomstandigheden, evenals over de wisselende verklaringen over de erkenning van het kind door de heer verzoeker. Het hof oordeelt dat het belang van het kind tot uithuisplaatsing noodzaakt.
Het verzoek van de moeder om een deskundige te benoemen wordt afgewezen vanwege de acute situatie en het nader onderzoek dat niet kan worden afgewacht. Ook de voorgestelde alternatieven, zoals plaatsing bij een open setting of voortzetting van opname met het kind, worden onvoldoende haalbaar geacht.
De heer verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat hij nog niet de juridische vader is. De machtiging tot uithuisplaatsing wordt bekrachtigd, mede gezien de onvindbaarheid van de moeder en de risico's voor het kind.