Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch
[verdachte],
Conclusie’ op pagina 6 door navolgende overwegingen.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
30 (dertig) maanden;
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 24 augustus 2022 het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 21 juli 2021 bevestigd in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van opzettelijke wederrechtelijke vrijheidsberoving op 6 mei 2019.
De zaak draaide om het bewijs dat verdachte de vrouw van haar fiets trok en haar naar een auto sleepte. Cruciaal bewijs bestond uit DNA-sporen van verdachte op twee jassen van het slachtoffer en op een spanningszoeker op de plaats delict. Daarnaast kwam verdachte in aanmerking als dader vanwege zijn verblijf nabij de plaats delict, het gebruik van een gelijkende auto en gelijkenissen met de compositietekening.
De verdediging bracht alternatieve scenario's naar voren, waaronder het idee dat een onbekende derde de (werk)handschoenen van verdachte gebruikte, maar deze scenario's werden door het hof verworpen wegens gebrek aan feitelijke grondslag en onvoldoende onderbouwing.
De verdachte voerde ook medische beperkingen aan en het ontbreken van tatoeages bij de dader, maar het hof achtte deze argumenten onvoldoende om hem als dader uit te sluiten.
Het hof veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek van voorarrest, waarbij rekening werd gehouden met zijn justitiële verleden en persoonlijke omstandigheden. Het vonnis werd grotendeels bevestigd, met een herbeoordeling van de strafmaat.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf wegens opzettelijke wederrechtelijke vrijheidsberoving met aftrek van voorarrest.