ECLI:NL:GHSHE:2022:3076
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken van grieven
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 7 mei 2018. De advocaat-generaal had gevorderd het vonnis te vernietigen en verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van drie maanden, alsmede toewijzing van een schadevergoeding van €1.911,42 aan de benadeelde partij.
Tijdens de terechtzitting in hoger beroep bleek dat verdachte geen schriftelijke grieven had ingediend en ook mondeling geen bezwaren tegen het vonnis had opgeworpen. Het hof oordeelde daarom dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard. Er was geen aanleiding om de strafzaak alsnog inhoudelijk te onderzoeken.
De beslissing werd op 22 juli 2022 uitgesproken door de meervoudige kamer van het gerechtshof, waarbij de voorzitter en twee raadsheren aanwezig waren. Een van de raadsheren was niet in staat het arrest mede te ondertekenen. Het hoger beroep werd formeel niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van grieven.