Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
7 (zeven) maanden.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De verdachte, feitelijk leidinggever en voorzitter van een goede doelenstichting, heeft zich schuldig gemaakt aan het opzettelijk onjuist doen van 22 aangiften omzetbelasting in de periode 2011 tot en met 2016. Hierbij werden valse facturen gebruikt om onterecht voorbelasting terug te vragen, wat leidde tot een belastingnadeel van €147.968 voor de Staat der Nederlanden en de Europese Unie.
Na eerdere veroordelingen en cassatie is de zaak door de Hoge Raad terugverwezen naar het gerechtshof voor hernieuwde beoordeling van de strafoplegging. Het hof heeft de ernst van de fraude, de duur van de feiten en het feit dat de verdachte niet uit eigen beweging is gestopt meegewogen. Ondanks persoonlijke omstandigheden van de verdachte acht het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend.
Het hof legt een gevangenisstraf van 7 maanden op, lager dan de eerder opgelegde 12 maanden, rekening houdend met de duur van de procedure. De verdediging had een taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf bepleit, maar het hof vond dit onvoldoende recht doen aan de ernst van de feiten.
De verdachte heeft erkend dat de inkopen waarvoor voorbelasting werd teruggevraagd nooit hebben plaatsgevonden. Het hof benadrukt dat de fraude het vertrouwen in het systeem van omzetbelasting schaadt en bonafide belastingplichtigen benadeelt.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 7 maanden gevangenisstraf voor opzettelijke belastingfraude met onjuiste aangiften omzetbelasting.