In deze civiele procedure staat een geschil tussen Keytech Personeelsdiensten B.V. en Btech Telecom B.V. centraal over diverse vorderingen en onrechtmatige beslagen. Keytech vordert betaling van onbetaalde facturen, vergoeding voor niet teruggegeven apparatuur en schade wegens onnodige inhuur van een kraanwagen. Daarnaast stelt Keytech dat Btech onrechtmatig beslag heeft gelegd.
De rechtbank Limburg wees op 11 september 2019 vonnis waarbij de vorderingen van Keytech werden afgewezen. Keytech ging in hoger beroep bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch. In het hoger beroep is onduidelijkheid ontstaan over de precieze strekking van de vorderingen, mede doordat de memorie van grieven een andere inhoud lijkt te hebben dan de appeldagvaarding.
Het hof constateert dat het hoger beroep zich formeel richt op het bodemvonnis, terwijl de memorie van grieven ook verwijst naar het kortgedingvonnis. Daarom wordt Keytech in de gelegenheid gesteld om bij akte verduidelijking te geven over haar precieze vorderingen in hoger beroep. Het hof houdt de zaak aan en verwijst naar een nieuwe rolzitting.
De feiten betreffen onder meer opdrachten die Btech uitvoerde voor Keytech, het gebruik van een Site Master meetapparaat, het vervoer van Nokia materiaal en een discussie over factuurbedragen. Ook zijn conservatoire en executoriale beslagen gelegd door beide partijen. De procedure kenmerkt zich door meerdere tussenarresten en een uitgebreide schriftelijke behandeling.