Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- ‘opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van het middel, meermalen gepleegd’ (feit 1);
- ‘opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod’ (feit 2);
- ‘diefstal waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking, meermalen gepleegd’ (feit 3);
- ‘handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, meermalen gepleegd’ (feit 5);
- ‘handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van de categorie II’ (feit 6) en
- ‘handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie’ (feit 7),
De rechtbank heeft de vordering van de benadeelde partij [bedrijf] toegewezen tot het bedrag van € 19.900,74, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 augustus 2010 tot aan de dag der algehele voldoening, onder afwijzing van het meer of anders gevorderde en met veroordeling van de verdachte in de proceskosten aan de zijde van de benadeelde partij. Ten behoeve van het slachtoffer is tevens de schadevergoedingsmaatregel opgelegd.
hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2008 tot en met 18 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt (in een pand aan de [adres 2] nr. 1) een grote hoeveelheid hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 1783 hennepplanten en/of delen daarvan en/of ongeveer 104 gram hennep(toppen), in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2008 tot en met 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een (grote) hoeveelheid elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen elektriciteit onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking;
hij op of omstreeks 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een of meer wapen(s) als bedoeld in art. 2 lid 1 categorie Pro II onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten een of meer voorwerp(en) waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos kunnen worden gemaakt of pijn kan worden toegebracht te weten:
- twee stroomstootwapens (met opschrift JSJ809 POLICE) en/of
- een stroomstootwapen (met opschrift 704 JSJ),
voorhanden heeft gehad;
hij op of omstreeks 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een wapen als bedoeld in art. 2, lid 1, categorie II, onder 6 van de Wet wapens en munitie, te weten een voorwerp bestemd voor het treffen van personen met pepperspray, zijnde een giftige en/of verstikkende en/of weerloosmakende en/of traanverwekkende stof, namelijk een pepperspraybus (voorzien van de tekst ORIGINAL TW 1000, Oleoresin Capsicum, 20 ml), voorhanden heeft gehad;
hij op of omstreeks 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, munitie in de zin van art. 1 onder Pro 4 van de Wet wapens en munitie, te weten munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van Pro die wet, van de categorie II onder 1 te weten 26 kogelpatronen, kaliber 9 mm Luger, zijnde munitie die uitsluitend geschikt is voor vuurwapens van categorie II en/of van de categorie III, voorhanden heeft gehad.
hij in de periode van 1 juli 2009 tot en met 18 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, meermalen opzettelijk heeft geteeld in een pand aan de [adres 2] nr. 1 een grote hoeveelheid hennepplanten, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;
hij op 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 1783 hennepplanten, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;
hij in de periode van 1 juli 2009 tot en met 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een (grote) hoeveelheid elektriciteit toebehorende aan [bedrijf] , waarbij verdachte die weg te nemen elektriciteit onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking;
hij op 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, een wapen als bedoeld in art. 2 lid 1 categorie Pro II onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten voorwerpen waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos kunnen worden gemaakt of pijn kan worden toegebracht te weten:
- twee stroomstootwapens (met opschrift JSJ809 POLICE) en/of
- een stroomstootwapen (met opschrift 704 JSJ),
voorhanden heeft gehad;
hij op 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, een wapen als bedoeld in art. 2 lid 1 categorie Pro II onder 6 van de Wet wapens en munitie, te weten een voorwerp bestemd voor het treffen van personen met pepperspray, zijnde een giftige en verstikkende en weerloosmakende en traanverwekkende stof, namelijk een pepperspraybus (voorzien van de tekst ORIGINAL TW 1000, Oleoresin Capsicum, 20 ml), voorhanden heeft gehad;
hij op 19 augustus 2010 in de gemeente Simpelveld, munitie in de zin van art. 1 onder Pro 4 van de Wet wapens en munitie, te weten munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van Pro die wet, van de categorie II onder 1 te weten 26 kogelpatronen, kaliber 9 mm Luger, zijnde munitie die uitsluitend geschikt is voor vuurwapens van categorie II en/of van de categorie III, voorhanden heeft gehad.
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden;
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
taakstrafvoor de duur van
50 (vijftig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
25 (vijfentwintig) dagen hechtenis;
€ 4.415,56 (zegge: vierduizend vierhonderdvijftien euro en zesenvijftig cent)als vergoeding van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 augustus 2010 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 400,00 (zegge: vierhonderd euro);
€ 4.415,56 (zegge: vierduizend vierhonderdvijftien euro en zesenvijftig cent)aan materiële schadevergoeding, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 augustus 2010 tot aan de dag der algehele voldoening, en bepaalt dat gijzeling voor de duur van ten hoogste 54 (vierenvijftig) dagen kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid van de schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;