Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van het middel (feit 1);
- medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van het middel, meermalen gepleegd (feit 2);
- deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 11, vijfde lid, van de Opiumwet (feit 3).
- zich op het standpunt gesteld dat de onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde feiten bewezen kunnen worden verklaard;
- een strafmaatverweer gevoerd, waarbij is verzocht om af te zien van oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf, maar in plaats daarvan te volstaan met een (maximale) taakstraf in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf.
- met aanvulling van de bewijsmiddelen:
- met uitzondering van de opgelegde straf. In zoverre zal het vonnis waarvan beroep worden vernietigd en zullen de daarmee samenhangende overwegingen worden vervangen zoals hierna te melden.
- met vervanging van de toepasselijke wettelijke artikelen, zoals hierna te melden.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden;