ECLI:NL:GHSHE:2022:685
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van veroordeling wegens overtreding Opiumwet en witwassen
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Limburg van 18 november 2020, waarin verdachte werd veroordeeld voor drie feiten: het opzettelijk aanwezig hebben van ongeveer 205 gram hennep (feit 1), het voorhanden hebben van stoffen en voorwerpen vermoedelijk bestemd voor strafbare feiten volgens de Opiumwet (feit 2), en het witwassen van een geldbedrag van € 50.268,88 (feit 3).
De rechtbank had verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 1 jaar en het genoemde geldbedrag verbeurd verklaard. Tegen dit vonnis stelde verdachte hoger beroep in. De verdediging voerde primair niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie aan en subsidiair vrijspraak van feiten 2 en 3 met teruggaaf van de geldbedragen. Feit 1 werd door de verdediging erkend.
Het hof heeft het vonnis van de rechtbank bevestigd, waarbij het zich verenigde met de bewezenverklaring en de opgelegde straf. De raadsheren concludeerden dat het bewijs voldoende was en de straf passend, en wezen de vorderingen van de verdediging af. Het arrest werd op 9 februari 2022 uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling van verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden en verbeurdverklaring van € 50.268,88.