ECLI:NL:GHSHE:2023:1061
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof wijzigt gezagsregeling en belast ouders gezamenlijk met ouderlijk gezag over minderjarige
De zaak betreft een hoger beroep van de vader tegen een beschikking van de rechtbank Limburg die zijn verzoek tot gezamenlijk ouderlijk gezag had afgewezen. De minderjarige verblijft sinds 2019 bij de vader, die de volledige verzorging en opvoeding op zich neemt, terwijl de moeder geen contact heeft met het kind. De vader betoogt dat de gewijzigde omstandigheden rechtvaardigen dat hij samen met de moeder het gezag krijgt, of subsidiair het eenhoofdig gezag.
De moeder voert aan dat de verstandhouding tussen haar en de vader ernstig verstoord is en dat gezamenlijk gezag problemen zal veroorzaken. De gecertificeerde instelling en de raad voor de kinderbescherming erkennen de positieve ontwikkeling van het kind bij de vader, maar wijzen op de gespannen communicatie tussen ouders en adviseren een onderzoek naar het gezag.
Het hof oordeelt dat er sprake is van een wijziging van omstandigheden sinds de eerdere beschikking, onder meer door de uithuisplaatsing bij de vader en het ontbreken van contact met de moeder. Het belang van het kind vereist dat de vader met het gezag wordt belast. Gezien de positieve beoordeling van de vader als opvoeder en de wens van de moeder om de strijd te staken, wijst het hof het verzoek tot gezamenlijk gezag toe. Het hof wijkt daarmee af van het advies van de raad om een onderzoek te gelasten, om zo snel duidelijkheid te bieden aan het kind.
Het hof benadrukt dat de vader de moeder als niet-verzorgende ouder informatie moet verstrekken en goed moet samenwerken met de hulpverlening en school. De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd en gewijzigd, en de ouders worden gezamenlijk met het ouderlijk gezag belast. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof wijzigt de gezagsregeling en belast de vader en moeder gezamenlijk met het ouderlijk gezag over de minderjarige.