ECLI:NL:GHSHE:2023:1230
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep wegens ontbreken belang verdachte
In deze strafzaak is door de verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 9 november 2021. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft het dossier bestudeerd en kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, die verzocht het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren.
De raadsman van de verdachte heeft op 10 februari 2023 aan het hof bericht dat de verdachte geen bezwaren meer heeft tegen het vonnis waarvan beroep. Hierdoor is het belang van de verdachte bij behandeling van het hoger beroep komen te vervallen.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer en op 20 maart 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken. De voorzitter was mr. O.A.J.M. Lavrijssen, die het arrest niet mede heeft ondertekend.
Uitkomst: Het hoger beroep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van belang.