Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
De sanctie van beëindiging van de schuldsaneringsregeling zonder schone lei is een te zware
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Appellante is sinds 2018 onder de wettelijke schuldsaneringsregeling geplaatst, met een termijn die in 2022 werd vastgesteld op vier jaar. De rechtbank oordeelde dat appellante toerekenbaar tekortgeschoten was in de nakoming van verplichtingen, met name door het ontstaan van een bovenmatige nieuwe schuld bij de uitkeringsinstantie, en kende geen schone lei toe.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij door haar kwetsbare gezondheid en beschermingsbewind niet volledig verantwoordelijk gehouden kan worden voor de tekortkomingen. Zij erkende de nieuwe schuld, maar vroeg in eerste instantie om toekenning van de schone lei of toepassing van de hardheidsclausule, later wijzigde zij haar verzoek tot verlenging van de regeling.
De bewindvoerder en beschermingsbewindvoerder bevestigden de problematiek, waarbij de bewindvoerder aangaf dat appellante niet alle relevante informatie had verstrekt en de beschermingsbewindvoerder sprak van een vervelende situatie, maar zag geen bezwaar tegen een laatste verlenging.
Het hof oordeelde dat appellante bekend was met de regels en dat het niet melden van de samenwoning met haar ex-partner en het niet melden bij de uitkeringsinstantie toerekenbaar is. De tekortkoming is niet van geringe betekenis en rechtvaardigt geen verlenging van de regeling. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank zonder toekenning van de schone lei.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de schuldsaneringsregeling wordt beëindigd zonder toekenning van de schone lei wegens toerekenbare tekortkomingen.