Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHSHE:2023:2114

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
24 mei 2023
Publicatiedatum
29 juni 2023
Zaaknummer
20-002314-22
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 279 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging gevangenisstraf voor diefstal in vereniging ondanks strooptocht met kinderen

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 24 mei 2023 het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter in Zeeland-West-Brabant, waarin verdachte was veroordeeld voor diefstal in vereniging. De verdachte was door de politierechter veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee weken, waarvan één week voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.

Tijdens de behandeling in hoger beroep heeft het hof de vordering van de advocaat-generaal en de verdediging overwogen. Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd, waarbij het proces-verbaal van aangifte van winkeldiefstal op 21 november 2021 is toegevoegd als bewijsmiddel. De feiten betroffen een strooptocht die plaatsvond in het bijzijn van de kinderen van de verdachte.

Hoewel het hof aanvankelijk overwogen had een hogere straf op te leggen vanwege de ernst van de feiten en de aanwezigheid van kinderen, heeft het rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en besloten de straf van de politierechter te handhaven. Een matiging van de straf werd door het hof niet toegestaan.

Uitkomst: Bevestiging gevangenisstraf van twee weken waarvan één week voorwaardelijk voor diefstal in vereniging.

Uitspraak

Parketnummer : 20-002314-22
Uitspraak : 24 mei 2023
TEGENSPRAAK (art. 279 Sv Pro)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 28 september 2022 in de strafzaak met parketnummer 02-137825-22 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1984,
wonende te [adres 1] .
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van - kort gezegd - diefstal in vereniging (feit 1 en feit 2) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken waarvan 1 week voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
Namens de verdachte is tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
Door de verdediging is een strafmaatverweer gevoerd.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en met de redengeving waarop dit berust met aanvulling van het door de politierechter terzake van het onder 1 tenlastegelegde tot bewijs gebezigde proces-verbaal van aangifte van [aangever] namens [bedrijf] d.d. 23 november 2021 (p. 4 t/m 8 van het eindproces-verbaal met dossiernummer PL2000-2022067756), in dier voege dat aan dat bewijsmiddel het navolgende wordt toegevoegd:
“Omschrijving aangifte
Feit: Winkeldiefstal
Plaats delict: [adres 2]
Pleegdatum/tijd: tussen zondag 21 november 2021 om 17:02 en zondag 21 november
2021 om 17:30”
Het hof merkt wat betreft de strafoplegging nog het volgende op.
Het hof heeft, gelet op het feit dat de bewezenverklaarde feiten het karakter dragen van een strooptocht en zijn gepleegd met en/of in het bijzijn van haar kinderen, nadrukkelijk overwogen om een hogere straf dan de politierechter op te leggen. Gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte ziet het hof daar echter van af en komt tot het oordeel dat volstaan kan worden met de door de politierechter opgelegde straf. Voor een matiging van de straf, zoals door de verdediging in hoger beroep is verzocht, ziet het hof geen ruimte.

BESLISSING

Het hof:
bevestigt het vonnis waarvan beroep.
Aldus gewezen door:
mr. F.P.E. Wiemans, voorzitter,
mr. M.L.P. van Cruchten en mr. C.P.J. Scheele, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. L.C.J.M. Hillebrandt, griffier,
en op 24 mei 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
mr. M.L.P. van Cruchten is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.