Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
BESLISSING
1 (één) maand.
100 (honderd) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
50 (vijftig) dagen hechtenis.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Verdachte werd door de rechtbank Oost-Brabant veroordeeld voor het opzettelijk telen van hennep in een ondergrondse ruimte en het illegaal aftappen van stroom, en vrijgesproken van een ander feit. Tegen deze veroordeling stelde verdachte hoger beroep in. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk voor het deel dat betrekking had op de vrijspraak, omdat hoger beroep tegen vrijspraak niet openstaat volgens artikel 404 lid 5 Sv Pro.
De verdediging voerde aan dat verdachte slechts medeplichtig was en dat de hennepkwekerij van een huurder was, maar het hof onderschreef de rechtbank in haar oordeel dat verdachte zelf de kwekerij exploiteerde en wetenschap en feitelijke beschikkingsmacht had. De verklaringen van verdachte en getuigen waren onvoldoende concreet en niet aannemelijk.
De rechtbank legde een taakstraf van 120 uren met een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand op. Het hof matigde de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn, die zowel in eerste aanleg als in hoger beroep was overschreden. De taakstraf werd verminderd tot 100 uren, met een subsidiaire hechtenis van 50 dagen, en de voorwaardelijke gevangenisstraf bleef 1 maand met een proeftijd van 2 jaar.
Het hof bevestigde het vonnis voor het overige en bepaalde dat de tijd die verdachte in voorarrest had doorgebracht, in mindering zou worden gebracht op de taakstraf. Hiermee werd de ernst van de feiten tot uitdrukking gebracht en werd tevens rekening gehouden met de procesduur.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 100 uur taakstraf en 1 maand voorwaardelijke gevangenisstraf met proeftijd, met niet-ontvankelijkheid in hoger beroep tegen vrijspraak.