In deze civiele procedure tussen appellant en geïntimeerden speelt een geschil over de waarde van onroerende zaken, waarbij het hof op 28 februari 2023 een tussenarrest heeft gewezen waarin het een deskundigenonderzoek noodzakelijk achtte. Geïntimeerden verzochten het hof het tussenarrest te verbeteren wegens een kennelijke verschrijving over de eigendom van een recyclebedrijf op een aangrenzend perceel.
Het hof heeft deze kennelijke fout erkend en het arrest dienovereenkomstig verbeterd. Daarnaast verzochten geïntimeerden om tussentijds cassatieberoep toe te staan, stellende dat appellant de procedure misbruikt en dat het hof onvoldoende rekening hield met de familieverhoudingen en eerdere bindende adviezen.
Het hof overwoog dat dergelijke omstandigheden niet relevant zijn voor de inhoudelijke beoordeling van het verzoek tot openstelling van tussentijds cassatie. Gezien de impact van het deskundigenonderzoek op de procedure acht het hof het doelmatig tussentijds cassatieberoep toe te staan. Alle verdere beslissingen worden aangehouden in afwachting van de cassatieprocedure.