Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant 1] en [appellant 2] ,
[appellant 3]en
[appellant 4],
Vereniging van eigenaars [VvE 1] te [vestigingsplaats],
[belanghebbende 2],
[belanghebbende 5],
[belanghebbende 7],
Vereniging van eigenaars [VvE 2] ondersplitsing woningen te [vestigingsplaats],
Vereniging van eigenaars [VvE 3] te [vestigingsplaats],
Vereniging van eigenaars [VvE 4] te [vestigingsplaats],
1.Het verloop van de procedure
- de e-mail van de rechtbank Limburg van 22 mei 2023 met de mededeling aan mr. Schütz dat van de mondelinge behandeling in eerste aanleg van 11 april 2023 geen proces-verbaal is opgemaakt;
- de aanvullende stukken (de beschikking van 29 maart 2022 en bijlage 1 bij het verzoekschrift in eerste aanleg) ingediend namens appellanten, ingekomen ter griffie van dit hof op 9 juni 2023;
- het op 26 juni 2023 ingekomen bericht dat mr. Schütz optreedt voor belanghebbende de Vereniging van eigenaars [VvE 2] in plaats van voorheen mr. Dexters;
- de op de mondelinge behandeling in hoger beroep door mrs. Schütz en L.L.H. Jung overgelegde en voorgelezen spreekaantekeningen en
- het V8-formulier, ingekomen ter griffie van dit hof op 31 juli 2023, met het bericht dat mr. H.C. Lejeune per heden als advocaat zal optreden voor appellanten en belanghebbende de VvE [VvE 2] dit in verband met het vertrek van mr. Schütz uit de advocatuur.
- [appellant 1] en [appellant 3] , bijgestaan door mrs. Schütz en Jung;
- de heer [voorzitter] (voorzitter) namens de VvE, bijgestaan door mr. M. Delnoy-Garske en
- de heer [toehoorder 1] en de heer [toehoorder 2] als toehoorders.
2.De beoordeling
- De in de akte van hoofdsplitsing betrokken appartementsrechten (A3, A4, A5 en A6) zijn vervolgens ondergesplitst in appartementsrechten.
- Appartementsrecht A3 is ondergesplitst in onderappartementsrecht A16 en A17.
- [grooteigenaar] B.V. is binnen de hoofdsplitsing grooteigenaar en houdt de meerderheid van de stemmen (hierna: [grooteigenaar] of grooteigenaar).
- [grooteigenaar] is eigenaar van onderappartementsrecht A16. Appellanten en een aantal van de belanghebbenden zijn ieder eigenaar van één woning binnen onderappartementsrecht A17 (A18 tot en met A24).
- De AvS is op 12 september 2015 gewijzigd.
- In de AvS is het modelreglement bij splitsing appartementsrechten 2006 (hierna: MR 2006) van toepassing verklaard. In de MR 2006 staat, voor zover van belang, het volgende vermeld:
“Notulen Jaar Vergadering VVE [VvE 1] `Hoofdvereniging' gevestigd te [vestigingsplaats] ”staat, voor zover relevant, het volgende vermeld (bijlage 23 bij beroepschrift):
- Deze notulen zijn bij e-mail van 30 juni 2020 rondgestuurd.
- Op 16 juli 2021 heeft een vergadering van eigenaars van de VvE plaatsgevonden. In het document
- Appellanten c.s. hebben – samengevat – de rechtbank bij verzoekschrift (onder meer) verzocht een aantal ter vergadering van 16 juli 2021 van de VvE genomen besluiten te vernietigen.
- Bij beschikking van 24 april 2023 heeft de kantonrechter van de rechtbank Limburg, voor zover van belang in hoger beroep, het volgende geoordeeld:
“Akkoorden (….) tussen een vertegenwoordiging van [grooteigenaar] BV en een vertegenwoordiging van de bewoners van het appartementencomplex [VvE 2] (Vereniging van Eigenaren [VvE 2] ) (…)”– of uit de inhoud van de overeenkomst zelf.
nietworden gerekend al die zaken die bestemd zijn om
uitsluitendte worden gebruikt door de eigenaar of gebruiker van – of uitsluitend dienstbaar zijn aan – één
privé gedeelte, voor zover niet anders in het reglement vermeld of met inachtneming van het bepaalde in artikel 18 als Pro zodanig gekwalificeerd.
“(…) als de deurkozijnen met de deuren en drempels (…) die zich bevinden in de (…) gevels (…)” [1]
“met daarin iig dat de ‘leveranciers’ ingang ook in gebruik genomen wordt als een van de hotel ingangen”. Het hof begrijpt dat [voorzitter] de afspraken zou gaan aanpassen en dat deze aangepaste versie van de afspraken vervolgens nog bevestigd, gewijzigd of afgekeurd zouden gaan worden door de VvE en dat er aldus nog een besluit over de ‘leveranciersingang’ genomen moest worden (dit alles voor zover al sprake was van de bevoegdheid daartoe). Dit is in lijn met hetgeen vervolgens in de notulen van 16 juli 2021 staat dat
“voorstel is dat de deur rechts op het binnen plein gebruikt kan worden als in- en uitgang van het hotel”. Dat de notulen van 16 juli 2021 vermelden
‘herbevestiging gebruik deur rechts sector 3 door het hotel als in- en uitgang”, maakt het voorgaande niet anders. Van een reeds genomen besluit over de rechterdeur op 25 juni 2020 is naar het oordeel van het hof geen sprake.