ECLI:NL:GHSHE:2023:3652

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
1 november 2023
Publicatiedatum
3 november 2023
Zaaknummer
20-000449-23
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van grieven

In deze strafzaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het hoger beroep van de verdachte behandeld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant. De verdachte had hoger beroep ingesteld, maar heeft geen schriftelijke grieven ingediend en ook geen mondelinge bezwaren geuit tijdens de terechtzitting, noch via een gemachtigde advocaat.

De advocaat-generaal heeft verzocht het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren. Het hof heeft dit verzoek gevolgd en geoordeeld dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard op grond van artikel 416, lid 2 van het Wetboek van Strafvordering. Het hof achtte het niet noodzakelijk om de strafzaak inhoudelijk te onderzoeken, gezien het ontbreken van grieven.

Het arrest is uitgesproken door een meervoudige kamer van het gerechtshof 's-Hertogenbosch op 1 november 2023. De uitspraak bevestigt het belang van het indienen van concrete grieven bij hoger beroep om ontvankelijkheid te waarborgen.

Uitkomst: Het hoger beroep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van grieven.

Uitspraak

Parketnummer : 20-000449-23
Uitspraak : 1 november 2023
TEGENSPRAAK (279 Sv)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 16 februari 2023, parketnummer
02-034483-23, in de strafzaak tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1988,
thans uit anderen hoofde verblijvende in P.I. Grave te Grave.
Hoger beroep
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte in het hoger beroep niet-ontvankelijk zal worden verklaard.
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Het hof is van oordeel dat het door verdachte ingestelde hoger beroep op grond van artikel 416, lid 2 van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, nu verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend noch mondeling of via een gemachtigd advocaat bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven en het hof niet van oordeel is dat de strafzaak desalniettemin onderzocht dient te worden.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus gewezen door:
mr. A. Muller, voorzitter,
mr. O.M.J.J. van de Loo en mr. M.L.P. van Cruchten, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. R.J. Gras, griffier,
en op 1 november 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.