Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
‘s-Hertogenbosch
[verdachte] ,
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) maand;
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet, namelijk het aanwezig hebben van circa 40,8 gram amfetamine en 42,6 gram MDMA. Tegen dit vonnis stelde zij hoger beroep in.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter vanwege onvoldoende motivering en stelde het bewezenverklaarde vast dat de verdachte samen met anderen op 8 juli 2022 in een woning in Oosterhout de genoemde hoeveelheden harddrugs aanwezig had. De drugs waren aangetroffen in een kamer die vrij toegankelijk was en waar de verdachte zicht had op weegschalen en vacumeermachines, wat duidt op wetenschap en gezamenlijke machtsuitoefening over de drugs.
De verdediging voerde vrijspraak aan wegens gebrek aan wetenschap en beschikkingsmacht, alsmede onvoldoende bewijs over hoeveelheden en samenstelling, maar het hof verwierp deze verweren. Gelet op de ernst van het feit, de maatschappelijke gevaren en het justitiële verleden van de verdachte, legde het hof een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand op met een proeftijd van twee jaar, waarbij rekening werd gehouden met persoonlijke omstandigheden en het voorkomen van recidive.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand met een proeftijd van twee jaar wegens medeplegen van het aanwezig hebben van harddrugs.