De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het voorbereiden en bevorderen van het bewerken van cocaïne. Op 5 januari 2023 werd hij in Weert staande gehouden en werd zijn Volkswagen Golf met verborgen ruimtes doorzocht. In een van deze ruimtes werden vijf pakketten aangetroffen met in totaal 4.891,17 gram levamisol, een stof die wordt gebruikt bij het versnijden van cocaïne.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte wist of ernstige reden had om te vermoeden dat de stoffen en het vervoermiddel bestemd waren voor het plegen van het strafbare feit. De verdachte had afstand gedaan van de auto en de verdovende middelen, waardoor het hof hierover geen beslissing meer nam.
De rechtbank vernietigde het vonnis van de politierechter en kwam tot een andere bewezenverklaring. De straf werd vastgesteld op 4 maanden gevangenisstraf, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, met aftrek van de tijd in voorarrest. Het hof vond een gevangenisstraf passend gezien de ernst van het feit en de maatschappelijke impact van harddrugs.
De verdachte gaf aan bedreigd te zijn door personen voor wie hij de pakketten vervoerde, maar wilde hierover geen nadere informatie geven. De verdediging pleitte voor een lichtere straf of taakstraf, maar het hof achtte dit niet passend. Het vonnis werd in hoger beroep uitgesproken op 13 december 2023 door het gerechtshof 's-Hertogenbosch.