AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Hoger beroep ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij PGB-fraude
In deze strafzaak stond de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel centraal, voortvloeiend uit deelname aan een criminele organisatie die fraude pleegde met persoonsgebonden budgetten (PGB). Verdachte werd veroordeeld voor deelname aan deze organisatie in de periodes 2009-2010 en 2012-2012, waarbij onterecht zorguren werden gedeclareerd en gefraudeerd met administratie- en bemiddelingskosten.
De rechtbank had het voordeel geschat op ruim € 67.000, inclusief extrapolaties naar niet onderzochte dossiers. Het hof vernietigt dit oordeel en wijst de extrapolatie af wegens onvoldoende representativiteit en betrouwbaarheid van de administratie. Het hof stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op € 23.962,00, gebaseerd op de negen onderzochte dossiers zonder extrapolatie.
De verdediging voerde aan dat verdachte daadwerkelijk zorg had verleend en deels bedragen had terugbetaald, maar deze verweren werden verworpen vanwege gebrek aan onderbouwing en tegenstrijdigheid met bewijsmiddelen. Ook werd het verzoek tot matiging van de betalingsverplichting wegens beperkte draagkracht afgewezen.
Het hof constateert een overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep van ruim vijf jaar, maar ziet hiervan afstraffing omdat dit reeds in een samenhangende strafzaak is verdisconteerd. Tot slot legt het hof een betalingsverplichting op aan verdachte en bepaalt een maximale gijzeling van 479 dagen bij niet-nakoming.
Uitkomst: Het hof stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op € 23.962,00 en legt een betalingsverplichting en gijzeling van 479 dagen op.
Voetnoten
1.Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op
2.Het e-mailbericht van [verdachte] aan [betrokkene 4] d.d. 19 mei 2015, blad 1 en 2. Dit
3.Het proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 6] d.d. 24juni 2014, p. 147.
4.Het proces-verbaal van verhoor van [betrokkene 5] d.d. 3juni 2014, p. 284.
5.Het proces-verbaal van de Inspectie SZW, Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel
6.De bij lagen behorend bij het proces-verbaal van de Inspectie SZW, Rapport berekening
8.Zie het overzicht van de totaalbedragen van [betrokkene 6] op pagina 98, dat als bijlage is
9.Het proces-verbaal van de Inspectie SZW, Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel
10.EHRM 1 maart 2007, ECLJ:NL:XX:2007:BA1112.
11.Zie het overzicht van de totaalbedragen van [verdachte] op pagina 103, dat als bijlage is
12.Verantwoordingsformulier PGB van budgethouder [betrokkene 7] over de periode 1juli 2009 tot
13.Zie het overzicht van de totaalbedragen van [betrokkene 5] op pagina 99, dat als bijlage is
14.Zie het overzicht van de totaalbedragen van [medeverdachte 2] op pagina 100, dat als bijlage is
15.Zie het overzicht van de totaalbedragen van [verdachte] op pagina 103, dat als bijlage is
16.DOC-091-01, bijlage behorende bij het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e, lid 2, d.d. 8 mei 2014, p. 104
17.Idem.
18.DOC-091-02, bijlage behorende bij het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e, lid 2, d.d. 8 mei 2014, p. 105
19.Idem.
20.DOC-091-03, bijlage behorende bij het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e, lid 2, d.d. 8 mei 2014, p. 106
21.DOC-091-04, bijlage behorende bij het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e, lid 2, d.d. 8 mei 2014, p. 107
22.Idem.