Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 20 april 2021 waarbij het hof een mondelinge behandeling na aanbrengen heeft gelast;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 9 juni 2021;
- de memorie van grieven zijdens [appellant] van 24 augustus 2021 met twee producties;
- de memorie van antwoord zijdens [geïntimeerden] van 5 oktober 2021 met drie producties;
- de akte zijdens [appellant] van 16 november 2021;
- de antwoordakte zijdens [geïntimeerden] van 14 december 2021.
6.De beoordeling
circa4 are en 45 centiare. Indien echter vastgesteld moet worden dat bij handhaving van de grens in het verlengde van de schuur het bij [appellant] blijvende perceel slechts 2 are en 87 centiare groot is, is het hof van oordeel dat sprake is van een grote afwijking ten opzichte van hetgeen blijkens de notariële akte aan [appellant] is toegedeeld. De omvang van die afwijking is dermate groot dat deze redelijkerwijs niet meer valt binnen een marge die op grond van het gebruik van het woord ‘circa’ door [appellant] (en [geïntimeerden] ) geaccepteerd moet worden.