ECLI:NL:GHSHE:2024:121
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen gevangenhouding wegens meervoudige diefstal door braak afgewezen
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep van verdachte tegen de gevangenhouding die was bevolen door de rechtbank Zeeland-West-Brabant na een veroordeling door de politierechter tot vijf maanden gevangenisstraf voor meervoudige diefstal door middel van braak.
Het hof constateerde dat er voldoende ernstige bezwaren tegen verdachte waren en dat er sprake was van gevaar voor herhaling, mede gezien eerdere veroordelingen voor vermogensdelicten die onvoldoende gedragsbeïnvloeding hadden opgeleverd. Verdachte had afstand gedaan van het recht op raadkamerhoor.
Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen omdat er geen bijzondere, zwaarwichtige persoonlijke omstandigheden waren die het belang van de samenleving bij voortzetting van de hechtenis deden wijken. Ook het verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging van een andere onvoorwaardelijke straf werd afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing en het ontbreken van een verklaring van het CJIB over de executiedatum.
Het hof bevestigde de eerdere beslissing en wees het hoger beroep en de schorsingsverzoeken af.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de gevangenhouding wordt afgewezen en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt geweigerd.