De moeder voert - samengevat - het volgende aan.
Vanwege het advies dat de klachtadviescommissie van de raad op 20 juli 2023 heeft uitgebracht aan de directeur van de raad, kan de bestreden beschikking niet in stand blijven. De directeur heeft op basis daarvan geoordeeld dat de klachten van de moeder grotendeels gegrond zijn en dat het raadsrapport van 28 maart 2023 in de huidige vorm niet langer kan worden gebruikt en moet worden aangepast. In het raadsrapport staan een groot aantal tegenstrijdigheden ten aanzien van de vader. Zo is in het rapport opgenomen dat de vader zich niet langer bezig houdt met (druggerelateerde) criminaliteit, maar laat tegelijkertijd het Justitieel Documentatie Systeem zien dat er sprake is van forse veroordelingen van de vader. In de periode na 2018 zijn er nog vijf registraties, terwijl de vader heeft aangegeven dat hij in 2016 heeft besloten het "anders te gaan doen" (waarbij hij ook zegt dat hij tot 2020 heeft gehandeld in harddrugs). Medio 2021 is de vader nog strafrechtelijk veroordeeld vanwege verkrachting van de moeder van één van zijn kinderen en vanwege vernieling. Het hof Arnhem-Leeuwarden heeft de man begin maart 2024 in hoger beroep ook schuldig bevonden voor deze feiten en de man is door het hof veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 10 maanden voorwaardelijk. Volgens de wijkagent staan er 20 delicten en 37 registraties op naam van de vader. Er leven bij de moeder zeer grote zorgen over de veiligheid en het welzijn van [minderjarige] als hij bij de vader is. Deze zorgen zijn onder andere gelegen in de betrokkenheid van de vader bij (zware) criminaliteit en het gevaar dat [minderjarige] daarbij betrokken wordt of op welke wijze dan ook daar last van zou kunnen hebben. De relatie tussen de ouders kenmerkte zich door psychisch en seksueel grensoverschrijdend geweld van de vader jegens de moeder.
De moeder dient met het eenhoofdig gezag belast te worden. De vader heeft na de geboorte van [minderjarige] van de DigiD gegevens van de moeder misbruik gemaakt en zonder medeweten en instemming van de moeder het gezamenlijk gezag laten aantekenen. De moeder heeft aangifte gedaan van identiteitsfraude. Bovendien houdt de vader het nemen van gezagsbeslissingen tegen om de moeder te treiteren, en kunnen partijen in het geheel niet met elkaar op ouderniveau communiceren. De vader heeft in het traject bij [hulpverlening 2] geweigerd met de moeder in gesprek te gaan. De paar gesprekken die wel in gezamenlijkheid hebben plaatsgevonden, mondden uit in verbale agressie van de zijde van de vader, ook in het bijzijn van [minderjarige] . De vader toont geen enkele interesse in [minderjarige] en informeert bij de moeder niet naar het wel en wee van [minderjarige] .
De moeder acht de vader niet in staat om voor [minderjarige] te zorgen. Als de vader omgang had met zijn andere kinderen in de woning van de moeder, was de moeder degene die zich feitelijk om deze kinderen bekommerde. De vader keek niet naar hen om. Ook heeft de moeder door de jaren heen veel gevaarlijke situaties gezien, waaraan kinderen niet blootgesteld zouden moeten worden, zoals de aanwezigheid van vuur- en steekwapens en drugs, drugshandel in het bijzijn van de kinderen (o.m. tijdens een begeleid omgangsmoment met [minderjarige] ), te hard en onder invloed rijden, agressief gedrag en het aanzetten van (jonge) vrouwen tot prostitutie. Daarnaast heeft de vader een kind erkend ten behoeve van het verkrijgen van een verblijfsvergunning, waarvoor hij een fors geldbedrag heeft gekregen. De vader heeft op dit moment geen vaste woon- of verblijfplaats. Hij heeft herhaaldelijk problematische relaties. Ook [hulpverlening 3] heeft aangegeven een zeer groot ‘niet pluis’-gevoel bij de vader te hebben, gebaseerd op de betrokkenheid van [hulpverlening 3] bij de andere kinderen van de vader en uitspraken die de vader heeft gedaan.
De vader verschijnt regelmatig onaangekondigd bij de moeder aan de deur. De moeder staat op die momenten toe dat er bij de voordeur een kort moment van omgang is tussen [minderjarige] en de vader. Dat doet zij omdat zij meent dat het in beginsel in het belang van [minderjarige] is dat hij zijn vader leert kennen, al heeft zij daar ook twijfels over omdat contact met deze vader ook zeer schadelijk kan zijn voor een kind. Er heeft zich aan de deur een incident voorgaan waarbij de vader [minderjarige] , om hem te corrigeren, heeft gebeten. De moeder heeft daarvan aangifte gedaan. De moeder gaat bij die contactmomenten volledig over haar eigen grenzen heen, omdat de vader zich op die momenten ook aan haar opdringt, aandringt op het hebben van geslachtsgemeenschap en seksueel grensoverschrijdende opmerkingen maakt. De vader gedraagt zich ook grensoverschrijdend tijdens videobelcontacten met [minderjarige] , bijvoorbeeld door zich ineens uit te kleden. De moeder is in contact met de vader zeer gespannen en erg op haar hoede, omdat er altijd iets kan gebeuren.
De belangen van [minderjarige] brengen met zich mee dat de verzoeken van de moeder moeten worden toegewezen, dan wel dat een zorgvuldig en deugdelijk raadsonderzoek moet plaatsvinden om de destijds in de tussenbeschikking van 10 augustus 2022 gestelde vragen te beantwoorden. Tot die tijd blijft de moeder open staan voor begeleid contact tussen de vader en [minderjarige] .