ECLI:NL:GHSHE:2024:1374

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
1 maart 2024
Publicatiedatum
22 april 2024
Zaaknummer
20-002963-22
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 57 SrArt. 63 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling wegens overtreding van de Wegenverkeerswet 1994 met ontzegging rijbevoegdheid

Op 31 januari 2021 heeft verdachte te Breda de overtreding begaan van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994, met een geconstateerde waarde van 1080 microgram, en tevens de overtreding van artikel 9, tweede lid, van dezelfde wet. De politierechter in Zeeland-West-Brabant veroordeelde verdachte, tegen welk vonnis hoger beroep werd ingesteld bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.

Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes weken, waarvan drie weken daadwerkelijk en drie weken voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Tevens werd de rijbevoegdheid voor twaalf maanden ontzegd, waarvan zes maanden daadwerkelijk en zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.

De beslissing is gebaseerd op de artikelen 14a, 14b, 14c, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 9, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994. Het arrest is mondeling gewezen door mr. F.C.J.E. Meeuwis op 1 maart 2024 tijdens de openbare terechtzitting van het gerechtshof.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes weken gevangenisstraf en twaalf maanden ontzegging van de rijbevoegdheid, deels voorwaardelijk.

Uitspraak

Parketnummer: 20-002963-22

Uitspraak : 1 maart 2024
TEGENSPRAAK (art. 279 Sv Pro)
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's Hertogenbosch, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 23 december 2022, in de strafzaak onder parketnummer 96-208061-21 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1991,
wonende te [woonplaats] .
Kwalificatie
Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994 (1080 microgram).
Gepleegd op 31 januari 2021 te Breda.
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gepleegd op 31 januari 2021 te Breda.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 9, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot
3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Ontzegt de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot
6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. F.C.J.E. Meeuwis.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 1 maart 2024.