Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Gemeenschappelijke Regeling Regio West-Brabant,
Provincie Noord-Brabant,
Gemeente Altena,
Gemeente Alphen-Chaam,
Gemeente Baarle-Nassau,
Gemeente Bergen op Zoom,
Gemeente Breda,
Gemeente Drimmelen,
Gemeente Etten-Leur,
Gemeente Geertruidenberg,
Gemeente Halderberge,
Gemeente Moerdijk,
Gemeente Oosterhout,
Gemeente Roosendaal,
Gemeente Rucphen,
Gemeente Woensdrecht,
Gemeente Zundert,
Gemeente Steenbergen,
1.Connexxion Taxi Services B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[XXX] Touringcar Ede B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[---] Groep B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
Trevvel B.V.,
[YYY] Rotterdam B.V.,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/414355 / KG ZA 23-47)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met grieven;
- de vier memories van antwoord van Connexxion, [XXX] , [---] en [YYY] ;
- de memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep van Trevvel;
- de vier memories van antwoord in incidenteel hoger beroep van de Regio, Connexxion, [XXX] en [---] .
- de op 11 april 2024 binnengekomen productie 27, die [---] bij de mondelinge behandeling in het geding heeft gebracht;
- de op 12 april 2024 binnengekomen productie 10, die de Regio bij de mondelinge behandeling in het geding heeft gebracht;
- het op 16 april 2024 ontvangen bericht van [XXX] dat zij haar positie in deze procedure (zowel in de hoofdzaak als in de incidenten) opgeeft en niet op de zitting zal verschijnen, met het verzoek [XXX] niet in de proceskosten te veroordelen, althans deze op nihil te stellen;
- de op 19 april 2024 ontvangen producties 1 tot en met 9, die Connexxion bij de mondelinge behandeling in het geding heeft gebracht;
- de op 22 april 2024 ontvangen productie 7, die Trevvel bij de mondelinge behandeling in het geding heeft gebracht;
- de op 24 april 2024 (in deze zaak en in de door [---] aangespannen samenhangende beroepszaak met procedurenummer 200.337.088/01) gehouden mondelinge behandeling, waarbij partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd.
3.De beoordeling
4.3.Uniform Europees Aanbestedingsdocument en mogelijkheden voor Inschrijving
Vanaf het bekendmaken van de gunningsbeslissing start de opschortende termijn (bezwaartermijn) van 20 dagen waarin Aanbestedende dienst nog niet tot ondertekening van een Overeenkomst zal overgaan. Afgewezen en/of uitgesloten Inschrijvers kunnen bezwaar maken tegen de gunningsbeslissing en/of de uitsluiting. Zij dienen een civiel kort geding aanhangig te maken voor het verstrijken van deze opschortende termijn. Deze termijn is tevens een fatale termijn. De fatale termijn loopt te allen tijde samen met (en volgt) de opschortende termijn.
Kunt u bevestigen dat een natuurlijke persoon die (uitvoerend of niet uitvoerend)
Aanbestedingsleidraad 4.3.2
Nee, dit kan de Aanbestedende dienst niet bevestigen. Ook in dat geval zal u moeten onderbouwen dat en waarom de inschrijvingen volledig autonoom en onafhankelijk van elkaar tot stand zijn gekomen.”
- een inschrijver heeft reeds een onderaannemingscontract gesloten met een andere inschrijver in dezelfde procedure;
- een inschrijver heeft het materiaal dat nodig is voor de uitvoering van de betrokken specifieke opdracht reeds geruime tijd voordat de beoordeling van de inschrijvingen wordt afgesloten, besteld;
- het algemene marktgedrag van de inschrijvers die aan de procedure deelnemen (bijvoorbeeld inschrijvers die nooit in dezelfde gunningsprocedure inschrijven of inschrijvers die alleen in bepaalde regio’s inschrijven of inschrijvers die bij toerbeurt aan gunningsprocedures lijken deel te nemen);
- de tekst van de inschrijvingen (bijvoorbeeld dezelfde tikfouten of zinnen in verschillende inschrijvingen of per vergissing ingelaste opmerkingen in de tekst van de inschrijving die wijzen op collusie tussen inschrijvers);
- de in de gunningsprocedure geboden prijzen (bijvoorbeeld inschrijvers die een hogere prijs bieden dan in eerdere soortgelijke procedures of die buitensporig hoge of lage prijzen bieden);
- administratieve details (bijvoorbeeld inschrijvingen ingediend door dezelfde zakelijke vertegenwoordiger).
Bovendien moet worden verduidelijkt dat, bij gebreke van een verplichting voor de inschrijvers om de aanbestedende dienst op de hoogte te brengen van hun eventuele banden met andere inschrijvers, de aanbestedende dienst gedurende de gehele procedure de inschrijving van de betrokken inschrijver moet behandelen als een regelmatige inschrijving die in overeenstemming is met richtlijn 2004/18, aangezien er geen aanwijzingen zijn dat door verbonden inschrijvers ingediende inschrijvingen gecoördineerd of onderling afgestemd zijn.”