Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
[naam verdachte]
met ingang van [datum] .
BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:
met ingang van [datum] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen de gevangenhouding van verdachte, die wordt verdacht van doodslag. Het hof concludeerde dat er voldoende ernstige bezwaren zijn, mede gebaseerd op verklaringen, camerabeelden en de omstandigheden van het feit. Het feit vond plaats op klaarlichte dag op de openbare weg, met meerdere getuigen en media-aandacht, wat de rechtsorde ernstig schokte.
Hoewel de ernst van de geschokte rechtsorde de voorlopige hechtenis rechtvaardigt, erkent het hof het fundamentele recht van verdachte om zijn berechting in vrijheid af te wachten. Namens verdachte werd aangevoerd dat hij kampt met ernstige gezondheidsklachten die niet adequaat binnen de penitentiaire inrichting behandeld kunnen worden, en dat detentie de klachten kan verergeren.
Het hof weegt deze persoonlijke omstandigheden tegen het maatschappelijke belang en besluit de voorlopige hechtenis te schorsen tot de uitspraak in eerste aanleg, onder strikte voorwaarden zoals medewerking aan identificatie, geen strafbare feiten plegen en tijdige aanwezigheid bij de zitting. Het hoger beroep tegen de gevangenhouding wordt afgewezen, maar het verzoek tot schorsing wordt toegewezen.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af, bevestigt de voorlopige hechtenis maar schorst deze vanwege gezondheidsklachten van verdachte tot de uitspraak in eerste aanleg.